2.11.18

[Bewoners weten dat er een site uit de Steentijd in hun omgeving is, en ze omarmen dat gegeven bliksemsnel. (uit: Redmond O'Hanlon De groene stad. Atlas Contact, 2018. p 84.)]

20.10.18

[Vader zag niets. Hij tuurde naar de bergen en wachtte op de volgende bliksem. Die kwam. Zijn gezicht lichtte op.
'Je voelt je een beetje als God,' zei hij. (uit: Paul Theroux Muskietenkust. De Arbeiderspers, 1993. p 241.)]

[In het theater zie je de flits niet, hoewel ik dat niet zeker weet, aangezien de flits wel duizend keer zo sterk kan zijn als die van een bliksemschicht, en wie weet staat er ergens een deur op een kier? (uit: Lieke Marsman Het tegenovergestelde van een mens. Atlas Contact, 2017. p 17.)]

25.7.18

Om 00:18u hoorde ik een witgat over de koer overvliegen. Ik hoorde: tiebie wit-wit-wit. Dat noteerde ik: "tiebie wit-wit-wit". En het uur "00:18u", dat schreef ik er ook bij, er gaat al genoeg verloren.

Een onlangs gestorven nonkel van mijn moeder, dat moest ook nog maar niet verloren gaan, kon een huis binnenkomen en dadelijk roepen: "Ik blijf eten hè."

Tussendoor nog een vogel uit mijn slaap. Visarenden. We keken uit op de speelplaats van een lagere school. Er vlogen visarenden. Ze zaten ook op palen die normaalgezien gebruikt worden voor balspelletjes.

25.6.18

[Lara verwondert zich over het bezoek, Kristin daarentegen is als door de bliksem getroffen, ze zit stokstijf op de keukenstoel en het zweet droogt op haar lijf terwijl Lara met de koffie bezig is, koekjes op tafel zet, zich het hoofd breekt over de reden van het bezoek en een paar keer zegt: Ja, ja, en ook: Hè, hè, naar nieuwtjes vraagt, hoe het met het vee is, hoe de hooioogst was, de staat van de weiden, Asdis geeft antwoord, maar ook niet meer dan dat, en af en toe valt er een stilte, en Lara wiegt met haar bovenlijf nerveus van voor naar achter. (uit: Jón Kalman Stefánsson Zomerlicht, en dan komt de nacht. Ambo/Anthos, 2018. p 125.)]

12.6.18

Afgelopen nacht zag - en hoorde - ik in mijn droom een grote karekiet. Mijn vrouw was er ook bij.

[Tijdens het eten zorgde Barend dat het gapende gat voor mijn vader verborgen bleef door zo min mogelijk zijn tanden te ontbloten, en verder liet hij bliksemsnel een snor staan. (uit: Charlotte Mutsaers Harnas van hansaplast. Das Mag, 2017. p 177.)]

6.6.18

De afgelopen weken, zo blijkt, heb ik een sterke sympathie opgevat voor weegbree. Smalle, ruige, grote. Hertshoorn. Die dingen.

5.6.18

[De eerste bliksemflits is ergens achter de horizon. (uit: Cynan Jones Inham. Koppernik, 2016. p 15.)]