2.1.12

[Ik zag de nog niet weggevaagde formule op het bord, de vlijmscherpe snede van een mes - nee, van een grimlach - en het ontuchtige maar bliksemsnelle gebaar van daarnet. Zij begon nu, teder, haar neus tegen de mijne aan te wrijven. (uit: Louis Paul Boon Niets gaat ten onder. Arbeiderspers, 2011. p 60.)]

Geen opmerkingen: