3.4.13

27.3.13

[bliksems, jongens, dat is toch weer leven, niet? (uit: Erich Maria Remarque De weg terug. H.J.W. Brecht, 1983. p 60.)]

13.3.13

10.3.13

[Gesprek over de doden en de bliksembegrafenissen. Abu Bilal [een activist ui Safsafi, niet te verwarren met Bilal] zegt dat begrafenissen anders zijn geworden, geen gelegenhied meer bieden voor demonstraties: de begraafplaats is onbeschermd en de sluipschutters op de citadel van Homs schieten zodra er een groep mensen bijeenkomt. Het begraven gebeurt dus in klein gezelschap, is snel achter de rug. (uit: Jonathan Littell Berichten uit Homs. De Arbeiderspers, 2012. p 114-115.)]

['Mijn eerste lijst ging over de bliksem,' herinnerde hij zich. (uit: J.J. Voskuil Het bureau 5: En ook weemoedigheid. Van Oorschot, 2001. p 732.)]

24.2.13

Vannacht, in een droom: een krooneend.

15.2.13

11.2.13

Vannacht zag ik in een droom een zwarte specht, een mannetje. Mijn vrouw en ik stonden op het terras van ons appartement - wat vreemd is want wij wonen niet in een appartement - en we zagen drie verdiepingen boven ons een zwarte specht. Hij zat op een verweerde betonnen balustrade en tikte keitjes uit het beton. De bewoner van het appartement drie verdiepingen boven ons had protestaffiches tegen de ruiten hangen. Het waren afkortingen die ik niet begreep, maar vermoedelijk had het met het traject van een trein te maken.

Eerder diezelfde nacht zag ik in een droom ook een sperwer, een vrouwtje. Mijn vrouw en ik zaten op een bank onder een kale boom tussen weilanden. Misschien was het herfst of vroege lente, maar warm was het wel. We zaten dus op een bank onder een kale boom tussen weilanden. Een sperwer kwam aangevlogen en zette zich in de boom, een meter of twee boven onze hoofden.

Dit gebeurde al een aantal nachten geleden: in een droom zag ik carolina-eenden. Ik liep langs het Albertkanaal met een fototoestel en zag twee carolina-eenden vlak tegen de oever. Ze waren erg groen en erg klein. Ik probeerde ze te fotograferen. Eerst hadden ze het formaat van een dodaars, maar enige tijd later, uit het water, waren ze nog nauwelijks groter dan de konijnenkeutels die in de weide lagen.

5.2.13

Vannacht, of misschien de nacht ervoor, zag ik in een droom een visarend. Hij vloog op. Het kan ook zijn dat ik hem niet zelf zag, maar dat ik het iemand hoorde vertellen, of dat ik een foto zag die die iemand gemaakt had. Vermoedelijk was het op Linkeroever, nabij het Galgenweel.