[Enkel hier, wanneer er even geen wagens voorbijrijden, is het gedonder van buiten goed hoorbaar. De bliksem weerkaatst op het bijna zwarte water. (uit: Lize Spit Het smelt. Das Mag, 2016. p 451.)]
25.2.16
>>
peren
>>
23:57
>>
0
reacties
14.2.16
De kleine kat ligt op een plek waar ze niet liggen mag, maar ik laat haar. Ik ga naar de kelder en haal een Vicaris tripel/gueuze.
>>
peren
>>
01:50
>>
0
reacties
13.2.16
7.2.16
Vanmiddag, slapend op de zetel, zag ik in een droom een geelgors en een kleine bonte specht.
Ik liep over een bedrijventerrein, want ik moest ergens wezen daar, in een modern fabriekje. Er bleek een brandje te zijn, mijn afspraak ging allicht niet door, maar niemand maakte zich al te druk. Op een hekken achter me zat een geelgors en op de grond een kleine bonte specht. De droom liep naar zijn einde, ik dacht - nog steeds dromend - die zie ik vaker in mijn dromen, die kleine bonte specht.
>>
peren
>>
22:56
>>
0
reacties
>> labels:
vims
5.2.16
[Een klein stukje van de tuin lijkt getroffen door blikseminslag tijdens het onweer van maandag. De dag erna zag ik dat de aardappels leken te verdorren. Nu zijn, op zo'n 4m², bijna alle aardappels, de meeste snijbonen, sommige koolrapen & radijsjes, enkele jonge erwtenplanten & zelfs sommig onkruid verdord & gaan dood, alsof er een vlam overheen is gegaan. Het moet te maken hebben met het onweer, ik denk niet dat de waterstroom iets giftigs in het bed gespoeld kan hebben. Wat heel opmerkelijk is, is dat alle beschadigde planten op hetzelfde stukje grond staan, de rest van de tuin is niet getroffen. Maar waar is dat op dat stukje één rij erwten staat die ook niet beschadigd lijkt. (uit: George Orwell Dagboeken 1931-1949. privé-domein, 2014. p 326.)]
>>
peren
>>
20:17
>>
0
reacties
30.1.16
29.1.16
Zowat een week geleden, in de nacht van zaterdag op zondag, zag ik in een droom een roodkeelduiker. Hij zat in Hoboken, hij zat op de Schelde.
Ik was met de trein gekomen en had de verdomd hoge dijk beklommen. De Schelde, erg breed, had aan de Hobokense kant een boulevard en een lint hoogbouw als aan de kust. Ik leunde tegen een metalen reling en zag de vogel vlak tegen de rand langszwemmen, stroomafwaarts, richting Antwerpen. Wellicht probeerde ik een foto te nemen. Er waren nog mensen. Mannen.
Later daalde ik de dijk weer af naar het achterland. Er lag daar een wachtbekken dat volliep met water uit de rivier, het water kwam onder hoge druk uit de dijkwand gespoten. Op dat wachtbekken zat - geloof ik - nog een bijzondere vogel, maar welke was dat weer?
>>
peren
>>
22:44
>>
0
reacties
>> labels:
vims
16.1.16
[Ik was niet onbekend met de bliksemflits; ik was niet onbekend met de donderslag. Benijdenswaardig ervaren in deze zaken, was ik niet onbekend met de wolkbreuk - de wolkbreuk, en daarna de zonneschijn en de regenboog. (uit: Martin Amis Het interessegebied. Atlas Contact, 2014. p 7.)]
>>
peren
>>
23:19
>>
0
reacties
8.1.16
[Hij ziet het aan haar ogen, die bliksemen van verontwaardiging. Maar ze gaat de discussie met hem niet aan. (uit: P.F. Thomése De onderwaterzwemmer. Atlas Contact, 2015. p 110.)]
>>
peren
>>
23:49
>>
0
reacties
1.1.16
[En opeens zie ik, zoals in een huis wanneer het onweert en tientallen in het donker verborgen voorwerpen een seconde lang door het weerlicht zichtbaar worden, allerlei andere, eerdere momenten uit onze relatie waarin dat ook al is gebeurd, momenten waarop haar emotie met de mijne bleek te resoneren of zelfs te corresponderen. (uit: Stephan Enter Compassie. Van Oorschot, 2015. p 84.)]
>>
peren
>>
14:51
>>
0
reacties